In het publieke en politieke debat worden migranten regelmatig aangewezen als zondebok voor maatschappelijke problemen. Welk tegenverhaal kun je daar tegenover zetten? Een nieuw rapport van Deep Canvassing, Stroomversnellers en De Goede Zaak onderzoekt de effectiviteit van het zogenaamde ‘kleur-klasseverhaal’ in Nederland.
Het kleur-klasseverhaal waaide over uit de Verenigde Staten als een progressief antwoord op populistisch zondebokdenken. De kern van de boodschap: politici wijzen zondebokken aan om mensen tegen elkaar op te zetten en zo de aandacht af te leiden van economische ongelijkheid en systeemfouten.
Om te testen hoe dit narratief in Nederland landt, voerden Ipsos I&O en Taalstrategie twee representatieve peilingen uit, gevolgd door vier diepgaande focusgroepgesprekken. De respondenten waren onderverdeeld in een ‘progressieve voorhoede’, een ‘beweegbaar midden’ en een ‘conservatieve oppositie’.
Positief bij wonen, weerstand bij migratie
De resultaten van het onderzoek zijn veelbelovend, maar ook gelaagd. Op het thema wonen slaat de boodschap goed aan. De helft van de respondenten kan zich vinden in het kleur-klasseverhaal, tegenover 21 procent die het afwijst. Zelfs in het ‘beweegbare midden’ en de ‘conservatieve oppositie’ is de instemming groter dan de afwijzing.
Op het thema migratie kantelt het beeld. Hoewel de voorhoede en het beweegbare midden instemmen, wijst 45 procent van de conservatieve oppositie het verhaal af (tegenover slechts 19 procent instemming).
Wanneer respondenten drie narratieven direct met elkaar vergeleken — het kleur-klasseverhaal, het traditionele progressieve verhaal en het zondebokverhaal — scoorde het kleur-klasseverhaal op wonen iets beter dan de zondebokretoriek. Maar rondom migratie ligt het zondebokverhaal echter ver voorop. Opvallend genoeg deed het traditioneel progressieve verhaal het op beide thema’s het best, wat mogelijk te maken heeft met herkenning: mensen stemmen sneller in met een frame dat ze al kennen.
Valkuilen: het gevaar van een ‘nieuwe zondebok’
De focusgroepgesprekken laten deels zien waarom het kleur-klasseverhaal soms averechts werkt. Wanneer een tekst te scherp is geformuleerd en direct wijst naar specifieke schuldigen – zoals ‘de allerrijksten’ – dan haken veel deelnemers af. Zij ervaren dit alsof er simpelweg een nieuwe zondebok wordt aangewezen.
Tegelijkertijd bleek dat wanneer deelnemers langer over het onderwerp doorpraatten, zij de achterliggende analyse wél goed begrepen. In gesprek vulden ze zelf de ontbrekende schakels in, zoals de invloed van lobbyisten of de rol van de media.
Inzichten voor communicatieprofessionals
Het rapport geeft geen pasklare formule, maar biedt wel enkele handvatten voor mensen die met het kleur-klasse verhalen willen werken:
- Richt je op systemen, niet op personen. Vermijd het aanwijzen van individuele zondebokken of specifieke groepen. Benoem liever ontwrichtend gedrag en systeemfouten, zoals het opkopen van woningen, de invloed van lobbygroepen of het verkiezen van winst boven maatschappelijk belang.
- Kies voor dialoog boven zenden: Een korte losse tekst kan weerstand oproepen. Ruimte voor gesprek en verdieping werkt veel beter om het narratief te laten landen.
Het rapport ‘Zondebokpolitiek Ontwapenen, onderzoek naar het kleur-klasse verhaal in Nederland’ is hier te downloaden.
Het onderzoek is van Stichting Deep Canvassing Nederland, DeGoedeZaak en Stichting Stroomversnellers. Het werd mede mogelijk gemaakt door Stichting Weerbare Democratie en uitgevoerd in samenwerking met Ipsos I&O en Taalstrategie.




























